Functiebeschrijving

Functiefamilie
Functies per Functiefamilie, met aantal medewerkers
Doel
Zorgdragen voor de ontwikkeling van het onderzoeksprogramma van het instituut en uitvoering en organisatie van onderzoek en onderzoeksondersteuning binnen het instituut, uitgaande van het faculteitsplan en na afstemming met de Decaan, teneinde kwalitatief hoogwaardig onderzoek uit te voeren binnen de verschillende onderzoeksgebieden en daarmee de concurrentiepositie van het instituut in het wereldwijde onderzoeksveld te versterken.
Resultaatgebieden
Kernactiviteit
Representeren en promoten van het onderzoeksinstituut en onderzoeksveld

Kader
Strategisch plan van het instituut/ de instelling

Resultaat
Potentiële partners en financiers zijn geïnteresseerd in inhoudelijke en financiële participatie

Activiteit
  • Stimuleren van medewerkers tot aanvragen externe financiering
  • Bezoeken van universiteiten, bedrijven en ministeries
  • Stimuleren en geven van lezingen
  • Stimuleren en geven van interviews voor verschillende media
  • Een bijdrage leveren aan actuele maatschappelijke discussies vanuit het eigen kennisgebied
Kernactiviteit
Vormgeven aan onderzoeksondersteunende processen, alsmede leiding geven aan de uitvoering hiervan

Kader
Onderzoeksprogramma van het institutenToegewezen financiële middelenFinanciële richtlijnen

Resultaat
Doelmatige realisatie van de doelstellingen van het programma

Activiteit
  • Doen van voorstellen ten behoeve van bekostiging van investeringen van onderzoek, uitwisseling, onderhoud apparatuur, e.d.
  • Opstellen en ter goedkeuring voorleggen aan de Decaan van de begroting van het onderzoeksinstituut
  • Verantwoording afleggen inzake besteding van middelen aan Decaan en indien aanwezig externe partners
  • Verdelen van toegewezen financiële middelen over de onderzoeksprogramma’s en ervoor zorgen dat afspraken daaromtrent worden vastgelegd
Kernactiviteit
Doen van strategische voorstellen inzake onderzoeksbeleid, -programma en -organisatie, alsmede deelnemen aan het bestuurlijk overleg waarin de Decaan en alle leidinggevenden van de organisatorische eenheden zitting hebben

Kader
Strategie van de instelling

Resultaat
Bijdrage aan het faculteitsplan

Activiteit
  • Adviseren van de Decaan
  • Bevorderen van de afstemming tussen onderwijs- en onderzoeksbeleid
  • Bijdragen aan de opstelling van het faculteitsplan en de begroting
  • Initiëren en onderhouden van in- en externe relaties
  • Beoordelen van aanvragen voor samenwerking met andere faculteiten, instellingen en overige externe partijen
Kernactiviteit
Implementeren en uitvoeren van het door de Decaan vastgestelde HRM-beleid binnen het eigen onderzoeksinstituut

Kader
CAOCentrale richtlijnenBeschikbare financiële middelen

Resultaat
Kwantitatieve en kwalitatieve bezetting van het onderzoeksinstituut waarmee hoogwaardige ondersteuning aan en uitvoering van onderzoek wordt gegeven

Activiteit
  • Werven en selecteren van medewerkers
  • Voeren van functioneringsgesprekken, loopbaangesprekken en beoordelingsgesprekken met medewerkers
  • Ontwikkelen van talenten en professionaliseren van medewerkers
  • Toekennen van de primaire en secundaire arbeidsvoorwaarden conform de CAO
  • Benodigde expertise in kaart brengen en opstellen van opleidingsprogramma’s
Kernactiviteit
Zorgdragen voor personele organisatie, bezetting, logistiek en benodigde faciliteiten ten behoeve van onderzoek

Kader
Onderzoeksprogramma van het instituutBijbehorende budget

Resultaat
Optimale uitvoering van het onderzoeksprogramma

Activiteit
  • Maken van raamafspraken met voorzitters van capaciteitsgroepen ten aanzien van inzet van wetenschappelijk personeel
  • Maken van raamafspraken met Directeur bedrijfsvoering/Decaan inzake gebruik huisvesting, ICT, audiovisuele hulpmiddelen en andere faciliteiten
  • Zorgdragen voor een efficiënte planning en werkbelasting van onderzoeksuren voor medewerkers
  • Zorgdragen voor een efficiënte planning van faciliteiten en middelen
Kernactiviteit
Onderhandelen met potentiële partners over mogelijkheden van samenwerking

Kader
InstellingsstrategieOnderzoeksprogramma van het instituutIn overleg met de Decaan

Resultaat
Samenwerking(sverbanden) met (inter)nationale potentiële partners en daarmee is bijgedragen aan de gewenste positionering van het instituut en de instelling realiseren

Activiteit
  • Onderhandelen en prijsafspraken maken en bewaken van licenties
  • Beoordelen van aanvragen voor samenwerking en participatie
  • Overleggen met andere faculteiten, instellingen en overige partners in de samenleving ten behoeve van mogelijke samenwerking
Kernactiviteit
Evalueren en bewaken van de onderzoeksprestaties van het instituut

Kader
Richtlijnen van de Decaan en visitatiecommissiesKwaliteitscriteria binnen het onderzoeksprogramma

Resultaat
Realisatie van het onderzoeksprogramma binnen de gestelde kwaliteitsnormen, alsmede verantwoording aan de overheid en overige belanghebbenden

Activiteit
  • Initiëren van interne visitaties/audits/evaluaties
  • Evalueren van gevisiteerde onderzoeksprogramma’s met behulp van voortgangsrapportages
  • Stimuleren van programmaleiders om wetenschappelijke output te optimaliseren en kwaliteit te verhogen
  • Coördineren van externe visitaties
  • Zorgdragen voor uitvoering van acties voortkomend uit in- en externe visitaties en evaluaties
Kernactiviteit
Representeren, alsmede stimuleren van het uitdragen van kennis van onderzoeksgebied in verschillende media

Kader
Beleid van het instituut/ de faculteit/ de instelling

Resultaat
Wetenschappelijke kennis is inzichtelijk, begrijpelijk en toepasbaar voor een breed publiek en hiermee wordt een bijdrage geleverd aan de maatschappelijke positie van de instelling

Activiteit
  • Stimuleren en geven van lezingen en van interviews voor verschillende media
  • Vanuit het eigen kennisgebied een bijdrage leveren aan actuele maatschappelijke discussies
  • Initiëren van samenwerkingsmogelijkheden met andere faculteiten, universiteiten en overige partners in de samenleving
Kernactiviteit
Signaleren van relevante ontwikkelingen en deze vertalen naar de samenstelling van onderzoeksgebieden van het instituut

Kader
Faculteitsplan, in overleg met de voorzitters van de capaciteitsgroepen en/of de programmaleiders

Resultaat
Onderzoeksprogramma van het instituut waarbinnen de samenhang wordt gewaarborgd

Activiteit
  • Onderzoeken en analyseren van relevante in- en externe ontwikkelingen
  • Samen met andere faculteiten, instellingen, instituten en overige partners overleggen en onderhandelen over en ontwikkelen van (nieuwe) onderzoeksgebieden
  • Het onderzoeksprogramma van het instituut ter goedkeuring voorleggen aan de Direc-teur van de onderzoeksschool en de Decaan
  • Periodiek de voortgang inzake ontwikkelingen binnen het onderzoek rapporteren aan de Decaan
  • Zorgdragen voor vertaling van het onderzoeksprogramma van het instituut naar de onderzoeksprogramma’s per kennisgebied en stellen van kwaliteits- en outputcriteria
Kernactiviteit
Zorgdragen voor de uitvoering van het onderzoeksprogramma van het instituut

Kader
Beschikbare financiële middelenOnderzoeksbeleid van de faculteit/ instelling

Resultaat
Doelmatige realisatie van het programma

Activiteit
  • Afstemmen met programmaleiders en onderzoekschool over de inhoud van de onderzoeksprogramma’s
  • Zorgdragen voor de inhoudelijke afstemming van onderzoeksprogramma’s binnen het instituut
  • Bewaken van de samenhang tussen de onderzoeksprogramma’s
  • Afstemmen met de Voorzitter capaciteitsgroep over de benodigde formatie voor de uitvoering van de onderzoeksprogramma’s
Kernactiviteit
Zorgdragen voor opstellen, implementeren en uitvoeren van het door de Decaan vastgestelde promovendibeleid

Kader
Onderzoeksprogramma van het instituutBeschikbare financiële middelen

Resultaat
Bevordering van de kwaliteit van onderzoek en realisatie van onderzoeksdoelstellingen door een optimale kwalitatieve in- en doorstroom van promovendi

Activiteit
  • Initiëren van werving van promovendi
  • Bepalen instroomniveau promovendi en bijbehorende criteria
  • Zorgdragen voor de ontwikkeling en uitvoering van onderwijs voor promovendi
  • Toetsen van onderzoeksvoorstellen van promovendi aan onderzoeksprogramma van het instituut
  • Toetsen van door promovendi opgestelde opleidingsprogramma’s aan de eisen van het promovendibeleid en de eisen van de landelijke onderzoeksschool indien hierin wordt geparticipeerd
  • Kennisnemen van de voortgang van het onderzoek en het functioneren van de Promovendus en indien nodig nemen van acties
Kernactiviteit
Toetsen van de wetenschappelijke productie en voortgang van het contractonderzoek

Kader
In het contract vastgelegde eisen

Resultaat
Onderzoeksuitvoering binnen het instituut die voldoet aan de afspraken met de opdrachtgevers

Activiteit
  • Toetsen van de voortgangsrapporten geschreven door de programmaleiders
  • Bijsturen van het programma indien sprake is van discrepanties met contracteisen
  • Adviseren van de Decaan bij het (blijvend) onvoldoende functioneren van een onderzoeksprogramma
Competenties
Omschrijving
Afstand nemen van de dagelijkse praktijk. Zich concentreren op hoofdlijnen en lange termijn beleid.

Gedragsindicatoren
  • Neemt de tijd om vooruit te denken op hoofdlijnen.
  • Geeft aan waar kansen en mogelijkheden voor de toekomst van de afdeling of organisatie liggen.
  • Zoekt inspiratiebronnen, oriënteert zich op visies met betrekking tot zijn of haar functie- of vakgebied.
  • Schetst een helder beeld van de toekomst van de eigen afdeling of organisatie en haar omgeving.
  • Heeft een eigen doelstelling of missie geformuleerd in het licht van interne en externe ontwikkelingen.
  • Geeft aan hoe de strategie van de afdeling of organisatie moet veranderen om adequaat te kunnen reageren op interne en externe ontwikkelingen.
Toetsvragen
  • Kun je een voorbeeld geven van een situatie waarbij je duidelijk rekening hebt gehouden met ontwikkelingen op de langere termijn? Met welke factoren heb je hierbij rekening gehouden?
  • Kun je een voorbeeld geven van een besluit dat je hebt moeten nemen dat direct effect heeft gehad op het beleid van jouw afdeling of organisatieonderdeel? Was het volgens jou een juist besluit?
  • Welke zaken, die zich voordoen buiten jouw afdeling of organisatieonderdeel, zullen jouw organisatie het komende jaar beïnvloeden? De komende vijf jaar? Op welke manier bereid je je voor op deze te verwachten veranderingen?
  • Hoe ga je te werk bij het ontwikkelen van een visie voor jouw afdeling of organisatieonderdeel?
Ontwikkeltips
  • Zorg dat je regelmatig tijd vrijmaakt om na te denken over de lange termijn doelstellingen van jouw afdeling en toets de helderheid hiervan bij collega's of leidinggevende.
  • Houd ontwikkelingen in de markt en de branche bij door marktonderzoek te lezen en met mensen te praten die zicht hebben op de markt.
  • Lees jaarverslagen en andere relevante documenten van andere organisaties.
  • Stel op basis van deze informatie een visie op voor het eigen organisatieonderdeel.
  • Vertaal relevante trends en ontwikkelingen in concrete acties en plannen.
  • Vertaal de te verwachten relevante maatschappelijke en politieke ontwikkelingen naar gevolgen voor het eigen organisatieonderdeel.
  • Formuleer toekomstige probleemgebieden of kansen voor het eigen organisatieonderdeel.
  • Houd een presentatie over het gewenste lange termijnbeleid voor de eigen organisatie.
  • Houd een brainstormsessie waarin de belangrijkste ontwikkelingen en de invloed hiervan op het eigen organisatieonderdeel worden geïnventariseerd.
  • Stel jezelf de vraag waar je over twee jaar wilt staan met je team. Wat moet je doen om daar te komen? Zet de doelen en strategie op schrift. Praat er regelmatig over met collega's.
  • Zorg dat je regelmatig tijd vrijmaakt om na te denken over de lange termijn doelstellingen van jouw afdeling en toets de helderheid hiervan bij collega's of leidinggevende.
  • Houd ontwikkelingen in de markt en de branche bij door marktonderzoek te lezen en met mensen te praten die zicht hebben op de markt.
  • Lees jaarverslagen en andere relevante documenten van andere organisaties.
  • Stel op basis van deze informatie een visie op voor het eigen organisatieonderdeel.
  • Vertaal relevante trends en ontwikkelingen in concrete acties en plannen.
  • Vertaal de te verwachten relevante maatschappelijke en politieke ontwikkelingen naar gevolgen voor het eigen organisatieonderdeel.
  • Formuleer toekomstige probleemgebieden of kansen voor het eigen organisatieonderdeel.
  • Houd een presentatie over het gewenste lange termijnbeleid voor de eigen organisatie.
  • Houd een brainstormsessie waarin de belangrijkste ontwikkelingen en de invloed hiervan op het eigen organisatieonderdeel worden geïnventariseerd.
  • Stel jezelf de vraag waar je over twee jaar wilt staan met je team. Wat moet je doen om daar te komen? Zet de doelen en strategie op schrift. Praat er regelmatig over met collega's.
Omschrijving
Laat blijken goed geïnformeerd te zijn over de maatschappelijke, politieke en vakinhoudelijke ontwikkelingen. Deze kennis effectief benutten voor de eigen functie of organisatie.

Gedragsindicatoren
  • Kent de actuele nieuwsonderwerpen die van belang zijn voor het functiegebied.
  • Stelt zich op de hoogte van economische, sociale, vakinhoudelijke en andere ontwikkelingen.
  • Is op de hoogte van belangrijke ontwikkelingen op vakgebieden die een raakvlak hebben met het eigen vakgebied.
  • Gaat adequaat om met cultuurverschillen.
  • Vertaalt ontwikkelingen in de maatschappij naar het eigen werkterrein.
  • Heeft externe contacten die hem of haar informeren over maatschappelijke trends en ontwikkelingen die van belang zijn voor het eigen functie- of vakgebied.
Toetsvragen
  • Welke recente ontwikkelingen zijn van belang voor je functiegebied?
  • Hoe heb je je het afgelopen jaar op de hoogte gehouden van de ontwikkelingen binnen je vakgebied?
  • Welke veranderingen in de maatschappij hebben grote invloed gehad op je werk in de laatste jaren? Welke veranderingen in de maatschappij zullen volgens jou je werk in de komende tijd beïnvloeden?
  • Welke belangrijke ontwikkelingen hebben zich recent voorgedaan binnen de organisatie? Hoe heb je jezelf de laatste maanden op de hoogte gehouden van wat er in de organisatie gebeurt?
  • Wat waren de voornaamste doelstellingen van jouw organisatie het laatste jaar?
Ontwikkeltips
  • Verdiep je in de maatschappelijke, economische en politieke ontwikkelingen die relevant zijn voor de korte en lange termijnplannen van je eigen organisatie. Ga na welke effecten deze kunnen hebben op je eigen werkterrein en maak de resultaten kenbaar in een overleg met anderen. Of geef een presentatie hierover aan een groep betrokkenen.
  • Houd je goed op de hoogte van (nieuwe) ontwikkelingen die je functiegebied raken. Lees kranten, vaktijdschriften, volg actualiteitenprogramma's etc.
  • Verdiep je in de strategie en de doelstellingen van je organisatie en in de interne ontwikkelingen. Ga na wat dit betekent voor je eigen werkterrein of afdeling en bespreek dit in het werkoverleg van je afdeling.
  • Overleg tijdens het opstellen van plannen met de betrokkenen over de verwachte (neven)effecten. Toets met hen in hoeverre in de plannen rekening is gehouden met ontwikkelingen in de in- en /of externe omgeving. Verwerk de informatie in je plan.
  • Organiseer samen met een collega/ medewerker een bijeenkomst rond relevante thema's.
  • Neem deel aan congressen, doe aan intervisie, lees vaktijdschriften.
  • Zoek contact met mensen die je op de hoogte kunnen houden van maatschappelijke, politieke en vakinhoudelijke ontwikkelingen.
  • Verdiep je in de maatschappelijke, economische en politieke ontwikkelingen die relevant zijn voor de korte en lange termijnplannen van je eigen organisatie. Ga na welke effecten deze kunnen hebben op je eigen werkterrein en maak de resultaten kenbaar in een overleg met anderen. Of geef een presentatie hierover aan een groep betrokkenen.
  • Houd je goed op de hoogte van (nieuwe) ontwikkelingen die je functiegebied raken. Lees kranten, vaktijdschriften, volg actualiteitenprogramma's etc.
  • Verdiep je in de strategie en de doelstellingen van je organisatie en in de interne ontwikkelingen. Ga na wat dit betekent voor je eigen werkterrein of afdeling en bespreek dit in het werkoverleg van je afdeling.
  • Overleg tijdens het opstellen van plannen met de betrokkenen over de verwachte (neven)effecten. Toets met hen in hoeverre in de plannen rekening is gehouden met ontwikkelingen in de in- en /of externe omgeving. Verwerk de informatie in je plan.
  • Organiseer samen met een collega/ medewerker een bijeenkomst rond relevante thema's.
  • Neem deel aan congressen, doe aan intervisie, lees vaktijdschriften.
  • Zoek contact met mensen die je op de hoogte kunnen houden van maatschappelijke, politieke en vakinhoudelijke ontwikkelingen.
Omschrijving
Er in slagen anderen te winnen voor ideeën en plannen.

Gedragsindicatoren
  • Brengt zijn of haar voorstellen met enthousiasme.
  • Komt met relevante argumenten op het juiste moment.
  • Gaat in op vragen of twijfels bij zijn of haar gesprekspartner.
  • Hanteert verschillende argumenten en gedragsstijlen om anderen mee te krijgen.
  • Reageert constructief op negatieve reacties door te vragen naar achterliggende argumenten.
  • Benut de juiste sleutelfiguren om mensen en groepen mee te krijgen.
Toetsvragen
  • Wat is volgens jou je beste voorstel, dat door anderen is overgenomen? Hoe heb je dat bij hen aangekaart?
  • Wat was je beste voorstel dat niet werd geaccepteerd? Waarom werd het niet geaccepteerd?
  • In discussies gaat iedereen uit van zijn eigen gelijk. Hoe lukt het jou om anderen mee te krijgen voor jouw standpunt?
  • Kun je jouw moeilijkste ervaring met het veranderen van iemands plannen beschrijven? Wat heb je allemaal geprobeerd om je doel toch te kunnen bereiken?
  • Welke eigenschappen zijn nodig om te kunnen overtuigen? Waarom?
  • Hoe heb je in het laatste jaar vanuit je functie anderen overtuigd? Geef eens een voorbeeld.
  • Hoe overtuig je een groep? Geef eens een voorbeeld.
  • Wat is volgens jou de beste benadering om een impopulair standpunt te verkopen? Kun je iets vertellen over een situatie waarin je hiermee te maken hebt gehad?
Ontwikkeltips
  • Verdedig tijdens een vergadering of werkoverleg een bepaalde mening. Bedenk vooraf zoveel mogelijk relevante argumenten voor je standpunten.
  • Formuleer een werkwijze, procedure of regel die op de afdeling waarschijnlijk op de nodige weerstand zal stuiten. Bedenk vooraf mogelijke reacties en argumenten.
  • Ga af en toe met collega's en/ of leidinggevende in discussie over een bepaald onderwerp dat het werk betreft.
  • Wees aanwezig bij discussiebijeenkomsten. Bereid samen de argumenten voor. Stel na afloop vast in hoeverre je invloed hebt gehad op conclusies die zijn getrokken en beslissingen die zijn genomen.
  • Ga met anderen in je omgeving de discussie aan over diverse onderwerpen. Laat anderen aangeven wat volgens hen de doelen zijn, hoe deze bereikt dienen te worden en welke argumenten ze hiervoor willen gebruiken.
  • Leer hoe je 'stevig' kunt overkomen door anderen te observeren en feedback te vragen.
  • Praat niet te veel, maar zeg wat je wilt zeggen op een krachtige manier (duidelijk verstaanbaar, korte zinnen). Vermijd afzwakkende taal.
  • Kies de juiste argumenten (dit zijn er maximaal drie). Noem niet te veel argumenten, je wordt aangevallen op je zwakste.
  • Verdedig tijdens een vergadering of werkoverleg een bepaalde mening. Bedenk vooraf zoveel mogelijk relevante argumenten voor je standpunten.
  • Formuleer een werkwijze, procedure of regel die op de afdeling waarschijnlijk op de nodige weerstand zal stuiten. Bedenk vooraf mogelijke reacties en argumenten.
  • Ga af en toe met collega's en/ of leidinggevende in discussie over een bepaald onderwerp dat het werk betreft.
  • Wees aanwezig bij discussiebijeenkomsten. Bereid samen de argumenten voor. Stel na afloop vast in hoeverre je invloed hebt gehad op conclusies die zijn getrokken en beslissingen die zijn genomen.
  • Ga met anderen in je omgeving de discussie aan over diverse onderwerpen. Laat anderen aangeven wat volgens hen de doelen zijn, hoe deze bereikt dienen te worden en welke argumenten ze hiervoor willen gebruiken.
  • Leer hoe je 'stevig' kunt overkomen door anderen te observeren en feedback te vragen.
  • Praat niet te veel, maar zeg wat je wilt zeggen op een krachtige manier (duidelijk verstaanbaar, korte zinnen). Vermijd afzwakkende taal.
  • Kies de juiste argumenten (dit zijn er maximaal drie). Noem niet te veel argumenten, je wordt aangevallen op je zwakste.
Omschrijving
Richting en sturing geven aan medewerkers of een projectgroep om doelstellingen en resultaten te realiseren.

Gedragsindicatoren
  • Geeft prestaties of resultaatverwachtingen aan in duidelijke, specifieke en tijdsgebonden afspraken ( SMART).
  • Zorgt dat er in een groep of werkgroep een duidelijke taakverdeling komt gericht op de doelstelling.
  • Neemt een richtinggevend standpunt in als mensen twijfelen over een gekozen aanpak.
  • Houdt de voortgang van resultaten in relatie tot de doelstelling in de gaten.
  • Spreekt bij tegenvallende prestaties de betrokken personen aan.
  • Geeft waardering aan medewerkers die afgesproken doelen en resultaten halen.
Toetsvragen
  • Ben je wel eens projectleider geweest of voorzitter van een werkgroep? Hoe stuurde je toen de medewerkers naar het doel?
  • Hoe zorg je er als leidinggevende voor dat de gestelde doelen worden gehaald?
  • Is het je wel eens overkomen dat, door onvoorziene omstandigheden, een planning bijgesteld diende te worden? Wat heb je toen gedaan?
  • Hoe bepaal je waar de prioriteiten liggen in je werk, kun je daar voorbeelden van noemen?
  • Heb je wel eens te maken gehad met een medewerker waar de resultaten van tegen vielen? Wat deed je toen?
  • Is het wel eens voorgekomen dat een van je medewerkers een duidelijk andere kijk op de afdelingstaken dan wel zijn/haar taken naar voren bracht dan je zelf hebt? Zo ja, beschrijf deze situatie. Welke benadering heb je gekozen om deze medewerker te overtuigen?
  • Heb je wel eens een medewerker gehad die naar jouw mening minder goed functioneerde? Wat heb je toen gedaan c.q. welke maatregelen heb je toen getroffen?
  • Heb je wel eens een medewerker op het matje geroepen? Hoe heb je dat precies aangepakt?
Ontwikkeltips
  • Communiceer aan medewerkers het te voeren beleid en de resultaten die je van hen verwacht. Reserveer tijd voor een toelichting en voor het beantwoorden van vragen.
  • Formuleer in samenspraak met elke medewerker duidelijke doelstellingen (concreet, meetbaar en haalbaar) voor de komende periode en leg deze vast.
  • Geef kleine en gerichte opdrachten aan medewerkers voor wie de betreffende opdracht geheel nieuw is.
  • Voer - indien de situatie zich voordoet - een gesprek met betrekking tot ongewenst gedrag van een medewerker.
  • Wissel twee maal per maand met elke medewerker kort van gedachten over de voortgang van zijn werk en de taakuitvoering. Kies de juiste stijl afhankelijk van de medewerker.
  • Ga regelmatig 'buurten' bij je medewerkers
  • gun jezelf tijd voor het voeren van informele gesprekken en pols of ze nog op 'koers' liggen.
  • Bedenk hoe je de voortgang van resultaten wilt monitoren en eventueel bijstellen.
  • Beloon goede resultaten en spreek mensen aan als resultaten achter blijven.
  • Neem de rol van projectleider op je of voortrekker van een activiteit, zodat je richting moet geven aan een groep om resultaten te halen.
  • Communiceer aan medewerkers het te voeren beleid en de resultaten die je van hen verwacht. Reserveer tijd voor een toelichting en voor het beantwoorden van vragen.
  • Formuleer in samenspraak met elke medewerker duidelijke doelstellingen (concreet, meetbaar en haalbaar) voor de komende periode en leg deze vast.
  • Geef kleine en gerichte opdrachten aan medewerkers voor wie de betreffende opdracht geheel nieuw is.
  • Voer - indien de situatie zich voordoet - een gesprek met betrekking tot ongewenst gedrag van een medewerker.
  • Wissel twee maal per maand met elke medewerker kort van gedachten over de voortgang van zijn werk en de taakuitvoering. Kies de juiste stijl afhankelijk van de medewerker.
  • Ga regelmatig 'buurten' bij je medewerkers
  • gun jezelf tijd voor het voeren van informele gesprekken en pols of ze nog op 'koers' liggen.
  • Bedenk hoe je de voortgang van resultaten wilt monitoren en eventueel bijstellen.
  • Beloon goede resultaten en spreek mensen aan als resultaten achter blijven.
  • Neem de rol van projectleider op je of voortrekker van een activiteit, zodat je richting moet geven aan een groep om resultaten te halen.
Omschrijving
Signaleren van kansen en mogelijkheden voor de ontwikkeling van nieuwe kennis en toepassingsgebieden of voor nieuwe diensten. Hiernaar handelen en daarbij verantwoorde risico's durven nemen.

Gedragsindicatoren
  • Zoekt kansen en mogelijkheden.
  • Durft nieuwe dingen aan te pakken.
  • Komt met nieuwe ideeën voor kennis en toepassingsgebieden, producten of diensten.
  • Doet aan markt- of omgevingsonderzoek.
  • Geeft aan welke investeringen nodig zijn om op kansen in de markt in te kunnen spelen.
  • Durft verantwoorde risico's te nemen om een bepaald voordeel te behalen.
Toetsvragen
  • Heb je wel eens voorgesteld nieuwe diensten te leveren of nieuwe markten voor bestaande kennis of producten te exploreren? Welke diensten of markten waren dat?
  • Waarom heb je deze voorstellen gedaan? Wat heb je gedaan om anderen te overtuigen?
  • Heb je wel eens een nieuw product op de markt gebracht (ook als het oorspronkelijke idee voor het product niet van jezelf was)? Welke rol heb je hierin gespeeld?
  • Heb je wel eens voorstellen gedaan aan het management voor ontwikkeling van nieuwe toepassingen, diensten of producten? Wat was de inhoud van deze voorstellen?
  • Heeft zich wel eens een situatie voorgedaan waarin je als leidinggevende eindverantwoordelijk was en de resultaten niet werden behaald? Wat heb je toen gedaan? Wat heb je gedaan om je resultaten te verbeteren? Waar haalde je je ideeën vandaan?
  • Welke ontwikkelingen zijn je de laatste tijd opgevallen in je vakgebied, de toepassing van die kennis en de (commerciële) mogelijkheden? Op welke wijze heb je hiervan gebruik gemaakt?
  • Is het wel eens voorgekomen dat je een riskante, zakelijke beslissing moest nemen? Waarom was dat? Waarin zat het risico?
Ontwikkeltips
  • Verzamel informatie uit bijvoorbeeld kranten, vakliteratuur en internet met betrekking tot trends en marktontwikkeling en stel vast welke kennis, producten of diensten op korte termijn gevraagd zullen worden.
  • Neem deel aan projecten waarbij een appèl wordt gedaan op ondernemerschap
  • beargumenteer waarom een toepassing, product of dienst kans van slagen heeft voor wat betreft de marktontwikkelingen en formuleer een plan om deze in de markt te introduceren.
  • Formuleer een aantal nieuwe ideeën. Analyseer vervolgens welk idee de meeste kans van slagen heeft. Werk dat idee uit tot een plan
  • hoe en door wie wordt het idee verder ontwikkeld, welk budget is nodig, wat is de verwachting, hoe wordt bijvoorbeeld de toepassing, het product of de dienst gelanceerd en geleverd etc.
  • Spreek met belanghebbenden/ klanten over hun tevredenheid over je diensten en producten tot nu toe en onderzoek wat mogelijke (nieuwe) wensen of behoeften zijn.
  • Spreek met collega's uit de organisatie die blijk hebben gegeven van ondernemerschap: neem kennis van hun ideeën. Bespreek vooral het aspect durven en niet durven.
  • Vraag collega´s naar signalen voor nieuwe diensten die zij bij hun contacten opvangen.
  • Verzamel informatie uit bijvoorbeeld kranten, vakliteratuur en internet met betrekking tot trends en marktontwikkeling en stel vast welke kennis, producten of diensten op korte termijn gevraagd zullen worden.
  • Neem deel aan projecten waarbij een appèl wordt gedaan op ondernemerschap
  • beargumenteer waarom een toepassing, product of dienst kans van slagen heeft voor wat betreft de marktontwikkelingen en formuleer een plan om deze in de markt te introduceren.
  • Formuleer een aantal nieuwe ideeën. Analyseer vervolgens welk idee de meeste kans van slagen heeft. Werk dat idee uit tot een plan
  • hoe en door wie wordt het idee verder ontwikkeld, welk budget is nodig, wat is de verwachting, hoe wordt bijvoorbeeld de toepassing, het product of de dienst gelanceerd en geleverd etc.
  • Spreek met belanghebbenden/ klanten over hun tevredenheid over je diensten en producten tot nu toe en onderzoek wat mogelijke (nieuwe) wensen of behoeften zijn.
  • Spreek met collega's uit de organisatie die blijk hebben gegeven van ondernemerschap: neem kennis van hun ideeën. Bespreek vooral het aspect durven en niet durven.
  • Vraag collega´s naar signalen voor nieuwe diensten die zij bij hun contacten opvangen.
Niveaus
NiveauSchaal
117
315