Functiebeschrijving

Functiefamilie
Functies per Functiefamilie, met aantal medewerkers
Doel
Initiëren en organiseren van (inter)nationale samenwerking(sprojecten) en/of uitwisselingsprogramma’s in het kader van onderzoek, onderwijs, maatschappelijke dienstverlening en/of kennisexploitatie, alsmede adviseren inzake de inhoud en aanpak hiervan, binnen de wensen/eisen van de opdrachtgever(s), teneinde kennis en expertise over te dragen, de instelling extern te profileren, haar (financiële) positie te versterken en/of nieuwe markten ontsluiten.
Resultaatgebieden
Kernactiviteit
Verwerven van nieuwe of aanvullende opdrachten in een concurrerende omgeving

Kader
Instellingsbeleid Instituutsbeleid Faculteitsbeleid

Resultaat
Voldoende werk en/of inkomsten voor de instelling/ de faculteit/het instituut/ de afdeling

Activiteit
  • Onderhouden van een breed netwerk
  • Leggen en onderhouden van contacten met (potentiële) opdrachtgevers, mogelijke samenwerkingspartners en mogelijke andere betrokkenen
  • Volgen van interne en externe ontwikkelingen die nieuwe of aanvullende projecten noodzakelijk of wenselijk maken
  • Presenteren van reeds behaalde resultaten aan potentiële opdrachtgevers en samenwerkingspartners
  • Schrijven van (project)voorstellen en offertes en deze presenteren en bespreken met de (potentiële) opdrachtgever(s)
  • Zorgdragen voor goede public relations
Kernactiviteit
Afronden van het project en/of de adviesopdracht, begeleiden van de implementatie en het geven van nazorg

Kader
Afspraken met de opdrachtgever(s) Gewenste eindresultaten In het contract vastgelegde eisen

Resultaat
Opdracht is zorgvuldig afgerond en geïmplementeerd Resultaten voldoen aan afspraken met opdrachtgevers

Activiteit
  • Opstellen van eindrapportage en financiële verantwoording aan opdrachtgever(s)
  • Zorgdragen voor een adequate financiële afronding van de opdracht
  • Zorgdragen voor archivering en -documentatie
  • Verzorgen van presentaties en andere vormen van kennisoverdracht ten behoeve van betrokkenen
  • Begeleiden van de implementatie van de resultaten in de reguliere organisatie
  • Bieden van nazorg door beantwoorden van vragen, oplossen van knelpunten en overleggen met betrokkenen
  • Na afloop van het project betrokkenen blijven informeren omtrent nieuwe ontwikkelingen die achteraf van invloed kunnen zijn op de projectresultaten
Kernactiviteit
Onderzoeken en interpreteren van relevante ontwikkelingen alsmede adviseren inzake mogelijke nieuwe initiatieven en/of inzake (wijziging van) het instellings- ,faculteits- of instituutsbeleid

Kader
Eigen aandachtsgebied/ beleidsterrein

Resultaat
Bevordering van besluitvorming over de noodzaak of wenselijkheid tot bijstelling van het bestaande beleid respectievelijk het initiëren van nieuw beleid

Activiteit
  • Vertalen van het strategisch instellingsbeleid naar beleidsuitgangspunten op het eigen aandachtsgebied/beleidsterrein
  • Signaleren, volgen en analyseren van relevante in- en externe ontwikkelingen voor het aandachtsgebied/beleidsterrein en aangeven wat daarvan de mogelijke consequenties zijn voor de organisatie en haar beleid
  • Adviseren van bestuur en management van de instelling, de faculteit of het instituut inzake aanpassing van het beleid of het ontwikkelen van nieuw beleid
Kernactiviteit
Coachen en vakinhoudelijk begeleiden van minder ervaren collega’s

Kader
Eigen discipline/vakgebied

Resultaat
Bevordering van de vakinhoudelijke/professionele ontwikkeling van collega’s

Activiteit
  • Geven van feedback aan minder ervaren collega’s
  • Informeren van nieuwe of minder ervaren collega’s over (nieuwe) processen of methoden van werken
  • Optreden als vraagbaak voor andere collega’s voor operationele en vakinhoudelijke problemen
  • Overdragen van vakinhoudelijke en procesmatige kennis aan nieuwe of minder ervaren collega’s
Kernactiviteit
Toetsen van de resultaten van de uitvoering van de opdracht en doen van voorstellen voor aanpassen van beleid of aanpak in de toekomst

Kader
Beleidsdoelstellingen Opdracht Plan van aanpak

Resultaat
Inzicht in de mate waarin en de wijze waarop de vooraf gestelde doelen zijn bereikt (effectiviteit/efficiency) en bevordering van een adequate besluitvorming met betrekking tot continuering en/of bijstelling van de aanpak of het beleid

Activiteit
  • Toetsen van de eindresultaten aan de doelstellingen van de opdracht
  • Evalueren van de wijze waarop de uitvoering is verlopen
  • Evalueren van de effectiviteit van de aanpak
  • Opstellen van (management)rapportages
Kernactiviteit
Doen van onderzoek naar wensen en (toekomstige) behoeften in de (inter)nationale samenleving alsmede naar de randvoorwaarden van mogelijke samenwerkingsprojecten en –activiteiten binnen zowel bestaande als nieuwe markten

Kader
Methoden voor het analyseren van trends en maatschappelijke ontwikkelingen Binnen de instelling aanwezige (wetenschappelijke) kennis en expertise

Resultaat
Afgewogen (programma) voorstellen inzake mogelijke nieuwe samenwerkingsactiviteiten en samenwerkingspartners

Activiteit
  • Bijhouden van de ontwikkelingen op het terrein van onderwijs en onderzoek binnen de eigen instelling
  • Signaleren en volgen van relevante externe nationale en internationale ontwikkelingen in de wetenschap en in de samenleving
  • Adviseren van bestuur en management van de instelling, de faculteit of het instituut inzake de wenselijkheid en haalbaarheid van nieuwe en bestaande samenwerkingsprojecten en -activiteiten
  • Voorstellen formuleren inzake mogelijke nieuwe samenwerkingsverbanden en inzake contacten met mogelijke nieuwe samenwerkingspartners
Kernactiviteit
Bewaken van de voortgang van het project respectievelijk de opdracht

Kader
Afspraken met de opdrachtgever(s) Gewenste eindresultaten Projectplan

Resultaat
Continuïteit en kwaliteit in de voortgang en eindresultaten die voldoen aan de met de opdrachtgever overeengekomen doelstellingen

Activiteit
  • Faciliteren en begeleiden van het veranderingsproces
  • Monitoren van in- en externe ontwikkelingen die de uitvoering van de opdracht beïnvloeden
  • Contacten onderhouden met betrokkenen en peilen van draagvlak tijdens de voortgang
  • Trouble shooting
  • Uitvoeren van tussentijdse kwaliteitscontroles
  • Zorgdragen voor het financieel beheer
  • Opstellen van voortgangsrapportages
  • Adviseren over tussentijdse bijsturing van activiteiten
Kernactiviteit
Realiseren van de uitvoering van de opdracht

Kader
Beleid van de instelling Afspraken met de opdrachtgever(s) Projectplan (Inter)nationale regelgeving

Resultaat
Eindresultaten die voldoen aan de met de opdrachtgever overeengekomen doelstellingen

Activiteit
  • Fungeren als aanspreekpunt voor de omgeving en voeren van overleg met opdrachtgever(s), samenwerkingspartners, uitvoerenden en overige belanghebbenden
  • Vertegenwoordigen van de instelling in (inter)nationale besluitvormings- en overleggremia
  • Zorgdragen voor de praktische coördinatie van de uitvoering
  • Bewaken van effectieve en efficiënte rol-/taakverdeling binnen het team
  • Zorgdragen voor prioriteitstelling
  • Bewaken van de voortgang en bijsturen met corrigerende maatregelen in geval van afwijkingen
  • Zorgdragen voor het uitbrengen van periodieke rapportages
  • Communiceren over en draagvlak creëren voor het project
  • Zorgdragen voor afstemming van het project met andere werkterreinen
Kernactiviteit
Opstellen van programma's en projectvoorstellen voor de uitvoering van de (onderwijs-/onderzoeks-/advies-) opdracht

Kader
Wensen van de opdrachtgever(s) Instellingsbeleid Instituutsbeleid Faculteitsbeleid (Inter)nationale regelgeving

Resultaat
Opdracht is verhelderd en plan van aanpak is opgesteld

Activiteit
  • Nader definiëren van het gewenste eindresultaat
  • Opstellen van de projectdoelstellingen en een programma van eisen
  • Opstellen van een plan van aanpak, inclusief benodigde middelen en randvoorwaarden
  • Vaststellen van het tijdpad voor het uitvoeren van de opdracht
  • Adviseren inzake het betrekken van interne medewerkers en samenwerkingspartners bij het uitvoeren van de opdracht
  • Benaderen van en overleggen met betrokken in- en externe partijen
Competenties
Omschrijving
Laat blijken goed geïnformeerd te zijn over de maatschappelijke, politieke en vakinhoudelijke ontwikkelingen. Deze kennis effectief benutten voor de eigen functie of organisatie.

Gedragsindicatoren
  • Kent de actuele nieuwsonderwerpen die van belang zijn voor het functiegebied.
  • Stelt zich op de hoogte van economische, sociale, vakinhoudelijke en andere ontwikkelingen.
  • Is op de hoogte van belangrijke ontwikkelingen op vakgebieden die een raakvlak hebben met het eigen vakgebied.
  • Gaat adequaat om met cultuurverschillen.
  • Vertaalt ontwikkelingen in de maatschappij naar het eigen werkterrein.
  • Heeft externe contacten die hem of haar informeren over maatschappelijke trends en ontwikkelingen die van belang zijn voor het eigen functie- of vakgebied.
Toetsvragen
  • Welke recente ontwikkelingen zijn van belang voor je functiegebied?
  • Hoe heb je je het afgelopen jaar op de hoogte gehouden van de ontwikkelingen binnen je vakgebied?
  • Welke veranderingen in de maatschappij hebben grote invloed gehad op je werk in de laatste jaren? Welke veranderingen in de maatschappij zullen volgens jou je werk in de komende tijd beïnvloeden?
  • Welke belangrijke ontwikkelingen hebben zich recent voorgedaan binnen de organisatie? Hoe heb je jezelf de laatste maanden op de hoogte gehouden van wat er in de organisatie gebeurt?
  • Wat waren de voornaamste doelstellingen van jouw organisatie het laatste jaar?
Ontwikkeltips
  • Verdiep je in de maatschappelijke, economische en politieke ontwikkelingen die relevant zijn voor de korte en lange termijnplannen van je eigen organisatie. Ga na welke effecten deze kunnen hebben op je eigen werkterrein en maak de resultaten kenbaar in een overleg met anderen. Of geef een presentatie hierover aan een groep betrokkenen.
  • Houd je goed op de hoogte van (nieuwe) ontwikkelingen die je functiegebied raken. Lees kranten, vaktijdschriften, volg actualiteitenprogramma's etc.
  • Verdiep je in de strategie en de doelstellingen van je organisatie en in de interne ontwikkelingen. Ga na wat dit betekent voor je eigen werkterrein of afdeling en bespreek dit in het werkoverleg van je afdeling.
  • Overleg tijdens het opstellen van plannen met de betrokkenen over de verwachte (neven)effecten. Toets met hen in hoeverre in de plannen rekening is gehouden met ontwikkelingen in de in- en /of externe omgeving. Verwerk de informatie in je plan.
  • Organiseer samen met een collega/ medewerker een bijeenkomst rond relevante thema's.
  • Neem deel aan congressen, doe aan intervisie, lees vaktijdschriften.
  • Zoek contact met mensen die je op de hoogte kunnen houden van maatschappelijke, politieke en vakinhoudelijke ontwikkelingen.
  • Verdiep je in de maatschappelijke, economische en politieke ontwikkelingen die relevant zijn voor de korte en lange termijnplannen van je eigen organisatie. Ga na welke effecten deze kunnen hebben op je eigen werkterrein en maak de resultaten kenbaar in een overleg met anderen. Of geef een presentatie hierover aan een groep betrokkenen.
  • Houd je goed op de hoogte van (nieuwe) ontwikkelingen die je functiegebied raken. Lees kranten, vaktijdschriften, volg actualiteitenprogramma's etc.
  • Verdiep je in de strategie en de doelstellingen van je organisatie en in de interne ontwikkelingen. Ga na wat dit betekent voor je eigen werkterrein of afdeling en bespreek dit in het werkoverleg van je afdeling.
  • Overleg tijdens het opstellen van plannen met de betrokkenen over de verwachte (neven)effecten. Toets met hen in hoeverre in de plannen rekening is gehouden met ontwikkelingen in de in- en /of externe omgeving. Verwerk de informatie in je plan.
  • Organiseer samen met een collega/ medewerker een bijeenkomst rond relevante thema's.
  • Neem deel aan congressen, doe aan intervisie, lees vaktijdschriften.
  • Zoek contact met mensen die je op de hoogte kunnen houden van maatschappelijke, politieke en vakinhoudelijke ontwikkelingen.
Omschrijving
Leggen en onderhouden van contacten binnen en buiten de eigen organisatie.

Gedragsindicatoren
  • Legt gemakkelijk contact.
  • Aarzelt niet om mensen te benaderen met vragen of verzoeken.
  • Maakt effectief gebruik van bestaande contacten.
  • Onderhoudt goede relaties met relevante beslissers.
  • Legt contacten door zichzelf te profileren d.m.v. presentaties, publicaties etc.
  • Neemt initiatieven om relaties buiten de afdeling en organisatie te ontwikkelen.
Toetsvragen
  • Van welke soorten netwerken (formeel en informeel) maak je deel uit? Heb je recent nieuwe mensen ontmoet? Hoe ben je te werk gegaan bij het leggen van contacten?
  • Op welke manieren besteedt je aandacht aan je netwerk? Kun je voorbeelden geven?
  • Wat doe je tijdens bijeenkomsten waar je niemand kent?
  • Heb je de medewerking van bepaalde instanties (of andere afdelingen) nodig voor een goede uitvoering van je werk? Hoe ga je hierin te werk?
  • Kun je een concreet voorbeeld geven over wat jouw netwerk je recent heeft opgeleverd?
  • Ga je wel eens naar recepties? Hoe vindt u dat?
  • Hoe leer je de mensen in je organisatie kennen?
Ontwikkeltips
  • Bepaal in overleg met je leidinggevende en /of collega's welke personen je in je eigen netwerk zou kunnen of moeten betrekken en met welke personen je het contact zou kunnen verstevigen.
  • Bespreek met anderen welke contacten je op dit moment in je klantenkring onderhoudt. Onderzoek gezamenlijk met welke personen/ soort contacten je verder nog een relatie zou moeten opbouwen om je positie in de betreffende klantenkring te verstevigen. Maak concreet op welke wijze, of met hulp van wie, je die contacten gaat leggen en onderhouden.
  • Geef anderen binnen de eigen organisatie toegang tot je eigen netwerk(en). Introduceer hen bij anderen en help hen op deze manier hún netwerk uit te breiden. Doe dit vooral met die personen binnen jouw organisatie die moeite hebben met het leggen van contacten.
  • Organiseer met enige regelmaat informele bijeenkomsten binnen de eigen organisatie, zoals een 'open dag', een presentatie over een aansprekend onderwerp of een bijeenkomst rond een bepaald thema. Nodig hierbij mensen uit je eigen netwerk en dat van anderen uit.
  • Zorg dat klanten en andere belangrijke externe contacten op de hoogte worden gehouden van zaken die binnen de eigen organisatie spelen, bijvoorbeeld door middel van een extern magazine dat je naar hen toestuurt.
  • Speel commerciële kansen of nuttige informatie -wanneer je eigen organisatie hier niets mee kan - door naar personen in je netwerk.
  • Ga vaker naar recepties, beurzen, congressen etc.
  • Maak gebruik van werkgerelateerde social media (bijv. LinkedIn)
  • Bepaal in overleg met je leidinggevende en /of collega's welke personen je in je eigen netwerk zou kunnen of moeten betrekken en met welke personen je het contact zou kunnen verstevigen.
  • Bespreek met anderen welke contacten je op dit moment in je klantenkring onderhoudt. Onderzoek gezamenlijk met welke personen/ soort contacten je verder nog een relatie zou moeten opbouwen om je positie in de betreffende klantenkring te verstevigen. Maak concreet op welke wijze, of met hulp van wie, je die contacten gaat leggen en onderhouden.
  • Geef anderen binnen de eigen organisatie toegang tot je eigen netwerk(en). Introduceer hen bij anderen en help hen op deze manier hún netwerk uit te breiden. Doe dit vooral met die personen binnen jouw organisatie die moeite hebben met het leggen van contacten.
  • Organiseer met enige regelmaat informele bijeenkomsten binnen de eigen organisatie, zoals een 'open dag', een presentatie over een aansprekend onderwerp of een bijeenkomst rond een bepaald thema. Nodig hierbij mensen uit je eigen netwerk en dat van anderen uit.
  • Zorg dat klanten en andere belangrijke externe contacten op de hoogte worden gehouden van zaken die binnen de eigen organisatie spelen, bijvoorbeeld door middel van een extern magazine dat je naar hen toestuurt.
  • Speel commerciële kansen of nuttige informatie -wanneer je eigen organisatie hier niets mee kan - door naar personen in je netwerk.
  • Ga vaker naar recepties, beurzen, congressen etc.
  • Maak gebruik van werkgerelateerde social media (bijv. LinkedIn)
Omschrijving
Signaleren van kansen en mogelijkheden voor de ontwikkeling van nieuwe kennis en toepassingsgebieden of voor nieuwe diensten. Hiernaar handelen en daarbij verantwoorde risico's durven nemen.

Gedragsindicatoren
  • Zoekt kansen en mogelijkheden.
  • Durft nieuwe dingen aan te pakken.
  • Komt met nieuwe ideeën voor kennis en toepassingsgebieden, producten of diensten.
  • Doet aan markt- of omgevingsonderzoek.
  • Geeft aan welke investeringen nodig zijn om op kansen in de markt in te kunnen spelen.
  • Durft verantwoorde risico's te nemen om een bepaald voordeel te behalen.
Toetsvragen
  • Heb je wel eens voorgesteld nieuwe diensten te leveren of nieuwe markten voor bestaande kennis of producten te exploreren? Welke diensten of markten waren dat?
  • Waarom heb je deze voorstellen gedaan? Wat heb je gedaan om anderen te overtuigen?
  • Heb je wel eens een nieuw product op de markt gebracht (ook als het oorspronkelijke idee voor het product niet van jezelf was)? Welke rol heb je hierin gespeeld?
  • Heb je wel eens voorstellen gedaan aan het management voor ontwikkeling van nieuwe toepassingen, diensten of producten? Wat was de inhoud van deze voorstellen?
  • Heeft zich wel eens een situatie voorgedaan waarin je als leidinggevende eindverantwoordelijk was en de resultaten niet werden behaald? Wat heb je toen gedaan? Wat heb je gedaan om je resultaten te verbeteren? Waar haalde je je ideeën vandaan?
  • Welke ontwikkelingen zijn je de laatste tijd opgevallen in je vakgebied, de toepassing van die kennis en de (commerciële) mogelijkheden? Op welke wijze heb je hiervan gebruik gemaakt?
  • Is het wel eens voorgekomen dat je een riskante, zakelijke beslissing moest nemen? Waarom was dat? Waarin zat het risico?
Ontwikkeltips
  • Verzamel informatie uit bijvoorbeeld kranten, vakliteratuur en internet met betrekking tot trends en marktontwikkeling en stel vast welke kennis, producten of diensten op korte termijn gevraagd zullen worden.
  • Neem deel aan projecten waarbij een appèl wordt gedaan op ondernemerschap
  • beargumenteer waarom een toepassing, product of dienst kans van slagen heeft voor wat betreft de marktontwikkelingen en formuleer een plan om deze in de markt te introduceren.
  • Formuleer een aantal nieuwe ideeën. Analyseer vervolgens welk idee de meeste kans van slagen heeft. Werk dat idee uit tot een plan
  • hoe en door wie wordt het idee verder ontwikkeld, welk budget is nodig, wat is de verwachting, hoe wordt bijvoorbeeld de toepassing, het product of de dienst gelanceerd en geleverd etc.
  • Spreek met belanghebbenden/ klanten over hun tevredenheid over je diensten en producten tot nu toe en onderzoek wat mogelijke (nieuwe) wensen of behoeften zijn.
  • Spreek met collega's uit de organisatie die blijk hebben gegeven van ondernemerschap: neem kennis van hun ideeën. Bespreek vooral het aspect durven en niet durven.
  • Vraag collega´s naar signalen voor nieuwe diensten die zij bij hun contacten opvangen.
  • Verzamel informatie uit bijvoorbeeld kranten, vakliteratuur en internet met betrekking tot trends en marktontwikkeling en stel vast welke kennis, producten of diensten op korte termijn gevraagd zullen worden.
  • Neem deel aan projecten waarbij een appèl wordt gedaan op ondernemerschap
  • beargumenteer waarom een toepassing, product of dienst kans van slagen heeft voor wat betreft de marktontwikkelingen en formuleer een plan om deze in de markt te introduceren.
  • Formuleer een aantal nieuwe ideeën. Analyseer vervolgens welk idee de meeste kans van slagen heeft. Werk dat idee uit tot een plan
  • hoe en door wie wordt het idee verder ontwikkeld, welk budget is nodig, wat is de verwachting, hoe wordt bijvoorbeeld de toepassing, het product of de dienst gelanceerd en geleverd etc.
  • Spreek met belanghebbenden/ klanten over hun tevredenheid over je diensten en producten tot nu toe en onderzoek wat mogelijke (nieuwe) wensen of behoeften zijn.
  • Spreek met collega's uit de organisatie die blijk hebben gegeven van ondernemerschap: neem kennis van hun ideeën. Bespreek vooral het aspect durven en niet durven.
  • Vraag collega´s naar signalen voor nieuwe diensten die zij bij hun contacten opvangen.
Omschrijving
Overzien van werkzaamheden; doelen en prioriteiten stellen. Activiteiten, tijd en middelen plannen.

Gedragsindicatoren
  • Brengt prioriteit aan door hoofd- en bijzaken te onderscheiden.
  • Denkt van te voren zorgvuldig na hoe iets planmatig aan te pakken.
  • Formuleert meetbare doelstellingen voor zichzelf en voor anderen.
  • Schept randvoorwaarden om taken ordelijk en efficiënt af te werken.
  • Anticipeert op onverwachte gebeurtenissen door de planning hier op aan te passen.
  • Maakt realistische inschattingen van tijd, mensen en middelen die nodig zijn om een doel te bereiken.
Toetsvragen
  • Wat waren het afgelopen jaar doelstellingen in je werk? Zijn deze doelstellingen ook bereikt?
  • Hoe heb je bepaald welke taken prioriteit hadden in het afgelopen jaar? Geef hiervan een paar voorbeelden.
  • Komt het wel eens voor dat aan je wordt gevraagd iets te organiseren? Kun je een voorbeeld geven?
  • Beschrijf een voorbeeld van een situatie waarin je de aanvankelijke planning aan moest passen. Welke weerstanden kwam je daarbij tegen? Wat heb je daarmee gedaan?
  • Op welke wijze organiseer je je dagelijkse werk?
  • Kun je een voorbeeld noemen waarin je aangegeven hebt geen tijd voor een extra klus te hebben?
  • Hoe plan je je onderzoek en zorg je dat je de deadlines haalt?
  • Heb je wel eens actief meegewerkt aan een reorganisatie? Hoe zag het scenario voor deze reorganisatie eruit en wat is je inbreng geweest tijdens de voorbereiding van deze reorganisatie?
  • Wat zijn de kritische stappen bij het organiseren van je huidige projectmatige werk?
  • Hoe bereid je je voor op vergaderingen en hoe houd je ze in de hand?
  • Heb je wel eens werkprocedures opgesteld? Hoe heb je deze ingevoerd?
Ontwikkeltips
  • Zorg ervoor, dat je de verantwoordelijkheid krijgt voor het plannen en organiseren van een bepaald onderzoeks- of dienstverleningsproject.
  • Benoem eerst alles dat een rol speelt om je doel te bereiken en cluster deze zaken.
  • Bepaal achtereenvolgens:
  • > De precieze doelstelling van het project.
  • > De benodigde middelen (tijd, mensen, budget e.a.), die nodig zijn om het gestelde doel te bereiken.
  • > De inzet (in termen van tijd en bijdrage) van elke betrokkene.
  • Maak een tijdschema, waarin per dag of week staat aangegeven, wie wat doet, met de benodigde randvoorwaarden. Noteer deadlines en de data waarop producten moeten worden opgeleverd.
  • Wanneer je de planning hebt uitgewerkt (op papier) informeer vervolgens een ieder over de planning en organisatie van het project.
  • Overleg tussentijds met een collega of je manager, of je planning en organisatie aan de verwachtingen en eisen voldoen.
  • Plan bij grotere projecten vaste vergaderdata in.
  • Houd in de planning ruimte voor onvoorziene zaken.
  • Maak actielijsten en vink af en streep door zodra je iets gedaan hebt.
  • Volg een cursus timemanagement of projectmanagement.
  • Zorg ervoor, dat je de verantwoordelijkheid krijgt voor het plannen en organiseren van een bepaald onderzoeks- of dienstverleningsproject.
  • Benoem eerst alles dat een rol speelt om je doel te bereiken en cluster deze zaken.
  • Bepaal achtereenvolgens:~~ > De precieze doelstelling van het project.~~ > De benodigde middelen (tijd, mensen, budget e.a.), die nodig zijn om het gestelde doel te bereiken.~~ > De inzet (in termen van tijd en bijdrage) van elke betrokkene.
  • Maak een tijdschema, waarin per dag of week staat aangegeven, wie wat doet, met de benodigde randvoorwaarden. Noteer deadlines en de data waarop producten moeten worden opgeleverd.
  • Wanneer je de planning hebt uitgewerkt (op papier) informeer vervolgens een ieder over de planning en organisatie van het project.
  • Overleg tussentijds met een collega of je manager, of je planning en organisatie aan de verwachtingen en eisen voldoen.
  • Plan bij grotere projecten vaste vergaderdata in.
  • Houd in de planning ruimte voor onvoorziene zaken.
  • Maak actielijsten en vink af en streep door zodra je iets gedaan hebt.
  • Volg een cursus timemanagement of projectmanagement.
Niveaus
NiveauSchaal
114
312
411