Functiebeschrijving

Functiefamilie
Functies per Functiefamilie, met aantal medewerkers
Doel
Initiëren en organiseren van ondersteuning en advisering in het kader van onderzoek, onderwijs, maatschappelijke dienstverlening en/of kennisexploitatie en/of het acquireren, coördineren en monitoren van de uitvoering van kennis- en onderzoeksvragen, alsmede participeren in brede beleidsontwikkeling ten aanzien van kennisvalorisatie, passend binnen de filosofie van de instelling en het geformuleerde kennisvalorisatie- en/of acquisitiebeleid, teneinde het (regionale) bedrijfsleven en/of de overheid en de samenwerking daarvan met de universiteit te stimuleren; kennis, vaardigheden en technologie te vermarkten en daarmee de instelling te versterken en extern te profileren.
Resultaatgebieden
Kernactiviteit
Initiëren en ontwikkelen van beleidsvoorstellen voor wat betreft kennisvalorisatie en onderzoeksfinanciering,

Kader
Beleid en filosofie van de instelling Onderwijs- en Onderzoeksprogramma.

Resultaat
Bijdrage aan uniforme en consistente tenuitvoerlegging van het beleid en bijdrage aan de realisatie van de doelstellingen.

Activiteit
  • Signaleren, volgen en analyseren van in- en externe ontwikkelingen binnen het betreffende onderwijs- en/of onderzoeksprogramma
  • Deelnemen aan landelijke of instellingsgebonden overlegorganen
  • Deelnemen aan beleidsvoorbereidende besprekingen binnen de eigen afdeling en/of daarbuiten
  • Schrijven van voorstellen voor nieuw beleid
  • Ontwikkelen van ondersteunende materialen zoals modelovereenkomsten en handleidingen.
Kernactiviteit
Voeren van gesprekken met potentiële opdrachtgevers uit het bedrijfsleven, de overheid, de eigen of andere kennisinstellingen over (mogelijke) onderzoeks- en opleidingsvragen.

Kader
Geformuleerde kennisvalorisatie- en/of acquisitiebeleid.

Resultaat
Inzicht in de vraagstelling en de hiermee samenhangende kansen voor de instelling.

Activiteit
  • Analyseren van vraag
  • Eventueel verzamelen van informatie om de vraag te verhelderen
  • Beoordelen in hoeverre de vraag vanuit de instelling beantwoord kan worden
  • Beoordelen in hoeverre de vraag past bij de filosofie en strategie van de instelling
  • Afstemmen met kennisdragers over het belang van de vraag voor de wetenschap en/of eigen instelling.
Kernactiviteit
Zoeken naar bij de vraagstelling van de opdracht passende expertise, aanbesteden van vragen bij vakgroepen binnen de eigen instelling of daarbuiten, of de opdrachtgever doorverwijzen naar buiten de instelling.

Kader
Onderzoeksprogramma en acquisitiebeleid van de instelling en/of faculteiten.

Resultaat
Optimale overdracht van de onderzoeks- of opleidingsvraag aan meest geschikte kennisdrager/universitair medewerker/team.

Activiteit
  • Benaderen van mogelijke kennisdragers binnen of buiten de instelling die de vraag kunnen beantwoorden
  • Informeren van de kennisdragers/universitair medewerkers over de gestelde vraag
  • Adviseren over de vorm waarin de dienstverlening aangeboden kan worden
  • Organiseren van een kennismakingsgesprek tussen de opdrachtgever en de kennisdrager
  • Doorverwijzen naar andere instellingen of commerciële onderzoek- en adviesbureaus
Kernactiviteit
Adviseren en begeleiden van de universitair medewerker(s) en andere betrokkenen met betrekking tot de inrichting en voortgang van het onderzoeksproject.

Kader
Handleiding, voorschriften ten behoeve van projectvoorstellen.

Resultaat
Bijdrage aan een optimaal verloop van het project en inzicht in de lopende projecten.

Activiteit
  • Ondersteunen bij het opstellen van onderzoeksvoorstellen
  • Fungeren als adviseur bij het opstellen van contracten, vaststellen van voorwaarden en bepalen van marges
  • Signaleren van knelpunten en doen van voorstellen voor verbetering
  • Overleggen met betrokken medewerkers over de inrichting van het project
  • Eventueel opzetten van klankbordgroep voor de duur van de opdracht
  • Monitoren van de voortgang van het project
Kernactiviteit
Voorlichten van onderzoekers, docenten, betrokken medewerkers en potentiële klanten over de mogelijkheden op gebied van kennisvalorisatie.

Kader
Afgesproken richtlijnen en frequenties.

Resultaat
Geïnformeerde en betrokken onderzoekers/medewerkers en potentiële klanten, alsmede bijdragen aan een verhoogde binding met de werkzaamheden van de afdeling kennisvalorisatie.

Activiteit
  • Organiseren van voorlichtingsbijeenkomsten, deelnemen aan beurzen en tentoonstellingen
  • Meewerken aan landelijk valorisatienetwerk
  • Informeren van onderzoekers/medewerkers over specifieke mogelijkheden op gebied van kennisvalorisatie en acquisitie
  • Schrijven van artikelen over de werkzaamheden en mogelijkheden van de afdeling voor bijvoorbeeld de universiteitskrant
  • Uitgeven van brochures over de diensten van de afdeling
  • Maken van handleidingen voor gebruikers van de diensten van de afdeling
Kernactiviteit
Signaleren van het beschikbaar komen van subsidiegelden en fondsen in Nederland of daarbuiten en informeren en ondersteunen van belanghebbenden met betrekking tot de benuttingsmogelijkheden en opstellen feitelijke aanvraag.

Kader
Kaders vanuit organisatie en onderzoek Formats voor subsidieaanvraag.

Resultaat
Bijdrage aan het bevorderen van de subsidie-inkomsten voor onderzoekers van de eigen instelling.

Activiteit
  • Bijhouden van ontwikkelingen ten aanzien van subsidiemogelijkheden en fondsen
  • Aankondigen van subsidiemogelijkheden in eigen nieuwsbrief/universiteitskrant
  • Informeren van onderzoekers over concrete subsidiemogelijkheden
  • Ondersteunen van onderzoekers in het doen van subsidieaanvragen (procesmatig, financieel) en in de administratieve uitvoering hiervan
  • Ontwikkelen en geven van cursussen ten aanzien van subsidies
  • Bemiddelen tussen onderzoeker en subsidieorganisatie in probleemsituaties
  • Aanschrijven van fondsen
Kernactiviteit
Faciliteren van de octrooiaanvraag voor de instelling

Kader
Wet- en regelgeving ten aanzien van octrooienSamenspraak met octrooigerechtigde.

Resultaat
Bijdrage aan verkrijgen van inkomsten voor de instelling, alsmede bevorderen van kennisoverdracht inzake octrooiering.

Activiteit
  • Ondersteunen van universitair medewerkers bij het beoordelen van onderzoeksresultaten op octrooiwaardigheid
  • Ondersteunen van de instelling bij het aanvragen van het octrooi
  • Inschakelen van externe octrooi-adviseurs
  • Geven van cursussen in samenwerking met octrooi-organisaties
Kernactiviteit
Ondersteunen bij het opstarten van nieuwe bedrijven, gelieerd aan de instelling en/of hiervoor het mede verzorgen van het management

Kader
Samenwerking met houdstermaatschappij van de instelling.

Resultaat
Bijdrage aan bedrijfsontwikkeling als spin-off van onderzoek van de instelling.

Activiteit
  • Zoeken naar business development mogelijkheden
  • Het verder ontwikkelen van de gesignaleerde business cases
  • Het voorbereiden en uitvoeren van de overdracht van die cases naar een economische actor
Kernactiviteit
Ontwikkelen en beheren van relaties en/of samenwerkingsverbanden met andere instanties van binnen en/of buiten de instelling ten behoeve van het verkennen van nieuwe mogelijkheden en/of bijhouden van marktontwikkelingen en het afstemmen van werkzaamheden

Kader
Kennisvalorisatie- of acquisitiebeleid

Resultaat
Bijdrage aan bevorderen van strategische relaties van de instelling met industrie en andere instellingen op gebied van kennisvalorisatie/acquisitie en/of bijdrage aan additionele onderzoeksopdrachten/-financiering

Activiteit
  • Bijhouden van ontwikkelingen ten aanzien van samenwerkingsverbanden
  • Definieren van nieuwe kansen met industriële partners
  • Zorgdragen voor clustervorming rond losse projecten
  • Vormgeven van portals (samenwerkingsverbanden tussen meerdere partijen waarbij de instelling als coördinator optreedt)
  • Optreden als intermediair naar (grote) partners
  • Informeren van onderzoekers over samenwerkingsmogelijkheden
  • Benaderen van potentiële relaties binnen of buiten de instelling (bijvoorbeeld andere valorisatiepunten, octrooibureaus)
  • Medeontwikkelen van formele samenwerkingsverbanden
  • Analyseren van de mogelijkheden van samenwerking met bestaande en potentiële relaties
  • Vertegenwoordigen van de instelling in (inter)nationale (subsidie)(octrooi)netwerken
Kernactiviteit
Monitoren, meten en verslagleggen van de werkzaamheden van de afdeling

Kader
Ontwikkelde parametersGeformuleerde doelstellingen

Resultaat
Managementinformatie voor het College van Bestuur en de eigen afdeling

Activiteit
  • Ontwikkelen van parameters om de prestaties van de afdeling mee te meten
  • Bijhouden van de activiteiten van de afdeling
  • Bijhouden van de lopende projecten op gebied van kennisvalorisatie/acquisitie
  • (Mede)opstellen van het jaarverslag
Kernactiviteit
Coördineren van de door medewerkers van de afdeling uit te voeren werkzaamheden

Kader
Bevoegdheden en richtlijnen

Resultaat
Bevordering van doelmatige, efficiënte en kwalitatief hoogwaardige werkuitvoering

Activiteit
  • Informeren van medewerkers over de te realiseren doelstellingen en resultaten
  • Geven van aanwijzingen en instructies over te volgen werkwijzen en procedures
  • (Laten) maken van roosters en afstemmen van vrije dagen
  • Medebeoordelen van resultaten en toezien op en bevorderen van een kwalitatief en kwantitatief juiste voortgang van werkzaamheden
  • Oplossen of doorgeven van zich voordoende problemen welke niet door medewerkers zelf kunnen of mogen worden opgelost
Kernactiviteit
Coachen en vakinhoudelijk begeleiden van minder ervaren collega¿s

Kader
Eigen discipline/vakgebied

Resultaat
Bevordering van de vakinhoudelijke/professionele ontwikkeling van collega's

Activiteit
  • Geven van feedback aan minder ervaren collega's
  • Informeren van nieuwe of minder ervaren collega's over (nieuwe) processen of methoden van werken
  • Optreden als vraagbaak voor andere collega's voor operationele en vakinhoudelijke problemen
  • Overdragen van vakinhoudelijke en procesmatige kennis aan nieuwe of minder ervaren collega's
Competenties
Omschrijving
Komen met nieuwe of originele ideeën, gezichtspunten of oplossingen.

Gedragsindicatoren
  • Associeert gemakkelijk, legt snel verbanden.
  • Combineert eigen ideeën en die van anderen tot nieuwe oplossingen.
  • Komt met ideeën die wezenlijk anders zijn dan tot nu toe door anderen bedacht.
  • Ziet nieuwe toepassingsmogelijkheden voor bestaande instrumenten.
  • Doorbreekt bestaande denkkaders.
  • Experimenteert met mogelijkheden, probeert andere aanpakken uit.
Toetsvragen
  • Heb je recent te maken gehad met een probleem waarvoor gangbare oplossingen niet 'werkten'? Wat heb je toen ondernomen?
  • Is er in de organisatie waarin je nu werkt een verandering tot stand gekomen, die volgens je collega's voornamelijk is gerealiseerd door inventiviteit van jouw kant? Kun je daar een voorbeeld van geven?
  • Een belangrijke voorwaarde voor succesvol ondernemen blijkt innovatief denken te zijn. Welk soort vernieuwingen zijn volgens jou in de nabije toekomst wenselijk voor de continuïteit van jouw organisatieonderdeel?
  • Welke bruikbare ideeën heb je zelf in de afgelopen periode in je werk ingebracht?
  • Meestal ontstaan goede ideeën in een kleine groep gelijkgestemden en niet in het hoofd van een persoon. Heb je zo'n proces wel eens meegemaakt? Wat was jouw inbreng in dat proces?
  • Welke onderzoeksactiviteiten heb je tot nu toe gedaan? Kun je aangeven welke vernieuwingen hieruit zijn voortgekomen?
Ontwikkeltips
  • Vraag naar en lees over innovatieve ontwikkelingen, experimenten en vorm hier je mening over. Houd nieuwe ontwikkelingen en trends bij.
  • Heb oog voor innovatieve oplossingen of creatieve aanpakken in je eigen organisatieonderdeel.
  • Volg niet de gemakkelijkste weg, maar ga na of er alternatieve wegen zijn om tot een oplossing te komen
  • Richt je op nieuwe oplossingen of alternatieven voor bepaalde problemen of gang van zaken. Dit in tegenstelling tot verbeteren van bestaande procedures.
  • Ga eens met een paar collega's brainstormen om oplossingsrichtingen voor een probleem te bedenken.
  • Doe een onderzoek naar creatieve oplossingen voor een bepaald probleem.
  • Check bij jezelf of je nog nieuwe ideeën hebt geïmplementeerd, wat en hoe.
  • Probeer tijdens bijeenkomsten in te gaan op voorstellen voor nieuwe manieren om iets aan te pakken.
  • Vraag naar en lees over innovatieve ontwikkelingen, experimenten en vorm hier je mening over. Houd nieuwe ontwikkelingen en trends bij.
  • Heb oog voor innovatieve oplossingen of creatieve aanpakken in je eigen organisatieonderdeel.
  • Volg niet de gemakkelijkste weg, maar ga na of er alternatieve wegen zijn om tot een oplossing te komen
  • Richt je op nieuwe oplossingen of alternatieven voor bepaalde problemen of gang van zaken. Dit in tegenstelling tot verbeteren van bestaande procedures.
  • Ga eens met een paar collega's brainstormen om oplossingsrichtingen voor een probleem te bedenken.
  • Doe een onderzoek naar creatieve oplossingen voor een bepaald probleem.
  • Check bij jezelf of je nog nieuwe ideeën hebt geïmplementeerd, wat en hoe.
  • Probeer tijdens bijeenkomsten in te gaan op voorstellen voor nieuwe manieren om iets aan te pakken.
Omschrijving
Acties uitvoeren om de voortgang van activiteiten of taken te bewaken en te controleren.

Gedragsindicatoren
  • Spreekt bij het begin van een project of werkzaamheden duidelijke evaluatiemomenten af.
  • Houdt overzicht over werkzaamheden.
  • Controleert tussentijds of werkzaamheden volgens afspraak verlopen.
  • Spreekt mensen aan als afgesproken deadlines niet worden gehaald.
  • Vraagt uit eigen beweging om terugmelding of rapportage van medewerkers.
  • Maakt aan het eind van gesprekken vervolgafspraken.
Toetsvragen
  • Wat voor controlemechanismen heb je in je werk ingebouwd, zodat je de voortgang in de gaten kunt houden?
  • Hoe zorg je ervoor dat afspraken die je met mensen maakt worden nagekomen, zowel in tijd als in kwaliteit?
  • Hoe zorg je dat je goed geïnformeerd blijft over de voortgang van een project of activiteit?
  • Hoe zorg je dat je de deadlines haalt afgesproken in een onderzoeksplanning?
  • Heb je wel eens een project georganiseerd. Hoe hield je de voortgang in de gaten?
  • Heb je wel eens te maken gehad met een medewerker die projectafspraken niet nakwam? Wat heb je toen gedaan?
  • Op welke manier evalueer jij activiteiten die je hebt uitgevoerd? Geef daar eens een voorbeeld van.
Ontwikkeltips
  • Maak een projectplan met ijkpunten en evaluatiemomenten.
  • Schrijf voortgangsafspraken, die je gemaakt hebt, in je agenda.
  • Houd regelmatig evaluatiebijeenkomsten om na te gaan of activiteiten op schema lopen.
  • Overleg tussentijds met betrokken collega en/of manager, of je planning en organisatie van je project aan de verwachtingen en eisen voldoen.
  • Maak na een overleg specifieke en meetbare vervolgafspraken en zie toe op naleving.
  • Ga na voor welke activiteiten het zinvol is om een (gestandaardiseerde) voortgangsrapportage in te voeren en wat er dan in zou moeten komen te staan.
  • Evalueer na elke opdracht of project of de doelstellingen behaald zijn conform de vooraf opgestelde criteria.
  • Volg een cursus projectmanagement.
  • Maak een projectplan met ijkpunten en evaluatiemomenten.
  • Schrijf voortgangsafspraken, die je gemaakt hebt, in je agenda.
  • Houd regelmatig evaluatiebijeenkomsten om na te gaan of activiteiten op schema lopen.
  • Overleg tussentijds met betrokken collega en/of manager, of je planning en organisatie van je project aan de verwachtingen en eisen voldoen.
  • Maak na een overleg specifieke en meetbare vervolgafspraken en zie toe op naleving.
  • Ga na voor welke activiteiten het zinvol is om een (gestandaardiseerde) voortgangsrapportage in te voeren en wat er dan in zou moeten komen te staan.
  • Evalueer na elke opdracht of project of de doelstellingen behaald zijn conform de vooraf opgestelde criteria.
  • Volg een cursus projectmanagement.
Omschrijving
Laat blijken goed geïnformeerd te zijn over de maatschappelijke, politieke en vakinhoudelijke ontwikkelingen. Deze kennis effectief benutten voor de eigen functie of organisatie.

Gedragsindicatoren
  • Kent de actuele nieuwsonderwerpen die van belang zijn voor het functiegebied.
  • Stelt zich op de hoogte van economische, sociale, vakinhoudelijke en andere ontwikkelingen.
  • Is op de hoogte van belangrijke ontwikkelingen op vakgebieden die een raakvlak hebben met het eigen vakgebied.
  • Gaat adequaat om met cultuurverschillen.
  • Vertaalt ontwikkelingen in de maatschappij naar het eigen werkterrein.
  • Heeft externe contacten die hem of haar informeren over maatschappelijke trends en ontwikkelingen die van belang zijn voor het eigen functie- of vakgebied.
Toetsvragen
  • Welke recente ontwikkelingen zijn van belang voor je functiegebied?
  • Hoe heb je je het afgelopen jaar op de hoogte gehouden van de ontwikkelingen binnen je vakgebied?
  • Welke veranderingen in de maatschappij hebben grote invloed gehad op je werk in de laatste jaren? Welke veranderingen in de maatschappij zullen volgens jou je werk in de komende tijd beïnvloeden?
  • Welke belangrijke ontwikkelingen hebben zich recent voorgedaan binnen de organisatie? Hoe heb je jezelf de laatste maanden op de hoogte gehouden van wat er in de organisatie gebeurt?
  • Wat waren de voornaamste doelstellingen van jouw organisatie het laatste jaar?
Ontwikkeltips
  • Verdiep je in de maatschappelijke, economische en politieke ontwikkelingen die relevant zijn voor de korte en lange termijnplannen van je eigen organisatie. Ga na welke effecten deze kunnen hebben op je eigen werkterrein en maak de resultaten kenbaar in een overleg met anderen. Of geef een presentatie hierover aan een groep betrokkenen.
  • Houd je goed op de hoogte van (nieuwe) ontwikkelingen die je functiegebied raken. Lees kranten, vaktijdschriften, volg actualiteitenprogramma's etc.
  • Verdiep je in de strategie en de doelstellingen van je organisatie en in de interne ontwikkelingen. Ga na wat dit betekent voor je eigen werkterrein of afdeling en bespreek dit in het werkoverleg van je afdeling.
  • Overleg tijdens het opstellen van plannen met de betrokkenen over de verwachte (neven)effecten. Toets met hen in hoeverre in de plannen rekening is gehouden met ontwikkelingen in de in- en /of externe omgeving. Verwerk de informatie in je plan.
  • Organiseer samen met een collega/ medewerker een bijeenkomst rond relevante thema's.
  • Neem deel aan congressen, doe aan intervisie, lees vaktijdschriften.
  • Zoek contact met mensen die je op de hoogte kunnen houden van maatschappelijke, politieke en vakinhoudelijke ontwikkelingen.
  • Verdiep je in de maatschappelijke, economische en politieke ontwikkelingen die relevant zijn voor de korte en lange termijnplannen van je eigen organisatie. Ga na welke effecten deze kunnen hebben op je eigen werkterrein en maak de resultaten kenbaar in een overleg met anderen. Of geef een presentatie hierover aan een groep betrokkenen.
  • Houd je goed op de hoogte van (nieuwe) ontwikkelingen die je functiegebied raken. Lees kranten, vaktijdschriften, volg actualiteitenprogramma's etc.
  • Verdiep je in de strategie en de doelstellingen van je organisatie en in de interne ontwikkelingen. Ga na wat dit betekent voor je eigen werkterrein of afdeling en bespreek dit in het werkoverleg van je afdeling.
  • Overleg tijdens het opstellen van plannen met de betrokkenen over de verwachte (neven)effecten. Toets met hen in hoeverre in de plannen rekening is gehouden met ontwikkelingen in de in- en /of externe omgeving. Verwerk de informatie in je plan.
  • Organiseer samen met een collega/ medewerker een bijeenkomst rond relevante thema's.
  • Neem deel aan congressen, doe aan intervisie, lees vaktijdschriften.
  • Zoek contact met mensen die je op de hoogte kunnen houden van maatschappelijke, politieke en vakinhoudelijke ontwikkelingen.
Omschrijving
Leggen en onderhouden van contacten binnen en buiten de eigen organisatie.

Gedragsindicatoren
  • Legt gemakkelijk contact.
  • Aarzelt niet om mensen te benaderen met vragen of verzoeken.
  • Maakt effectief gebruik van bestaande contacten.
  • Onderhoudt goede relaties met relevante beslissers.
  • Legt contacten door zichzelf te profileren d.m.v. presentaties, publicaties etc.
  • Neemt initiatieven om relaties buiten de afdeling en organisatie te ontwikkelen.
Toetsvragen
  • Van welke soorten netwerken (formeel en informeel) maak je deel uit? Heb je recent nieuwe mensen ontmoet? Hoe ben je te werk gegaan bij het leggen van contacten?
  • Op welke manieren besteedt je aandacht aan je netwerk? Kun je voorbeelden geven?
  • Wat doe je tijdens bijeenkomsten waar je niemand kent?
  • Heb je de medewerking van bepaalde instanties (of andere afdelingen) nodig voor een goede uitvoering van je werk? Hoe ga je hierin te werk?
  • Kun je een concreet voorbeeld geven over wat jouw netwerk je recent heeft opgeleverd?
  • Ga je wel eens naar recepties? Hoe vindt u dat?
  • Hoe leer je de mensen in je organisatie kennen?
Ontwikkeltips
  • Bepaal in overleg met je leidinggevende en /of collega's welke personen je in je eigen netwerk zou kunnen of moeten betrekken en met welke personen je het contact zou kunnen verstevigen.
  • Bespreek met anderen welke contacten je op dit moment in je klantenkring onderhoudt. Onderzoek gezamenlijk met welke personen/ soort contacten je verder nog een relatie zou moeten opbouwen om je positie in de betreffende klantenkring te verstevigen. Maak concreet op welke wijze, of met hulp van wie, je die contacten gaat leggen en onderhouden.
  • Geef anderen binnen de eigen organisatie toegang tot je eigen netwerk(en). Introduceer hen bij anderen en help hen op deze manier hún netwerk uit te breiden. Doe dit vooral met die personen binnen jouw organisatie die moeite hebben met het leggen van contacten.
  • Organiseer met enige regelmaat informele bijeenkomsten binnen de eigen organisatie, zoals een 'open dag', een presentatie over een aansprekend onderwerp of een bijeenkomst rond een bepaald thema. Nodig hierbij mensen uit je eigen netwerk en dat van anderen uit.
  • Zorg dat klanten en andere belangrijke externe contacten op de hoogte worden gehouden van zaken die binnen de eigen organisatie spelen, bijvoorbeeld door middel van een extern magazine dat je naar hen toestuurt.
  • Speel commerciële kansen of nuttige informatie -wanneer je eigen organisatie hier niets mee kan - door naar personen in je netwerk.
  • Ga vaker naar recepties, beurzen, congressen etc.
  • Maak gebruik van werkgerelateerde social media (bijv. LinkedIn)
  • Bepaal in overleg met je leidinggevende en /of collega's welke personen je in je eigen netwerk zou kunnen of moeten betrekken en met welke personen je het contact zou kunnen verstevigen.
  • Bespreek met anderen welke contacten je op dit moment in je klantenkring onderhoudt. Onderzoek gezamenlijk met welke personen/ soort contacten je verder nog een relatie zou moeten opbouwen om je positie in de betreffende klantenkring te verstevigen. Maak concreet op welke wijze, of met hulp van wie, je die contacten gaat leggen en onderhouden.
  • Geef anderen binnen de eigen organisatie toegang tot je eigen netwerk(en). Introduceer hen bij anderen en help hen op deze manier hún netwerk uit te breiden. Doe dit vooral met die personen binnen jouw organisatie die moeite hebben met het leggen van contacten.
  • Organiseer met enige regelmaat informele bijeenkomsten binnen de eigen organisatie, zoals een 'open dag', een presentatie over een aansprekend onderwerp of een bijeenkomst rond een bepaald thema. Nodig hierbij mensen uit je eigen netwerk en dat van anderen uit.
  • Zorg dat klanten en andere belangrijke externe contacten op de hoogte worden gehouden van zaken die binnen de eigen organisatie spelen, bijvoorbeeld door middel van een extern magazine dat je naar hen toestuurt.
  • Speel commerciële kansen of nuttige informatie -wanneer je eigen organisatie hier niets mee kan - door naar personen in je netwerk.
  • Ga vaker naar recepties, beurzen, congressen etc.
  • Maak gebruik van werkgerelateerde social media (bijv. LinkedIn)
Niveaus
NiveauSchaal
212
311